We hadden het begin deze maand (03/07/2020) al aangekondigd dat er een Internet Consultatie voor een concept wetsvoorstel is verschenen betreffende de evenredigheidstoets RWN.

Dit wetsvoorstel voegt aan de Rijkswet op het Nederlanderschap een optierecht toe waarmee een persoon wiens Nederlanderschap van rechtswege verloren is gegaan, dat Nederlanderschap onder bepaalde omstandigheden met terugwerkende kracht kan herkrijgen.
Dit wetsvoorstel voorziet tevens in een verlenging van de in Artikel 15, eerste lid, aanhef en onder c, RWN opgenomen termijn voor verliesvan tien naar dertien jaar.

Hieronder het bericht van Nederlanders in den Vreemde en de reactie op de Internet Consultatie, welke Stichting GOED mede heeft ondertekend. Wij zijn pertinent voorstander van afschaffing van de 10-Jaren klok en uiteraard, nog beter, het toestaan van een dubbele nationaliteit voor alle Nederlanders, zonder een verplicht keuzemoment voor de eerst volgende generatie. Zie ook ons nationaliteitsonderzoek.

 

Een onevenredig Wetsvoorstel, uw Reactie?

Behoort u tot een van de circa 2,000 Nederlanders die jaarlijks hun nationaliteit onverwacht en automatisch verliezen of hebben moeten opgeven? Vindt u ook dat de huidige nationaliteitswetgeving beter kan? Naar aanleiding van de Tjebbes uitspraak wil de overheid de wetgeving aanpassen en graag uw mening horen over hun eigen ‘onevenredig’ wetsvoorstel. Er wordt dus nu misschien wel naar u geluisterd.

Hoeveel onverwachte voormalig-Nederlanders zijn er?

De overheid schat hier zelf dat er zo’n 2.000 Nederlanders per jaar zijn die zo onverwacht hun nationaliteit verliezen. Dus sinds de zogenaamde vernieuwde nationaliteitswetgeving van 1985 zijn dat nu zo’n 70.000 mensen die automatisch, onwillend, en onverwacht hun Nederlandse nationaliteit hebben verloren. Maar waarschijnlijk is het werkelijke getal hoger. Immers is deze inschatting van de overheid gebaseerd op de nummers van afgewezen paspoort aanvragen. Dit zijn dus mensen die het geluk hadden dat een aanvraag werd ingenomen en overwogen. Veel mensen worden al bij de balie van de ambassade of gemeente weggestuurd, en de paspoortaanvraag wordt dan niet eens aangenomen of overwogen. “Sorry, wij kunnen uw paspoort aanvraag niet aannemen want u bent geen Nederlander meer”. Daar sta je dan, afgewezen door je moederland en afgesneden van je familie, vrienden, en frikandellen. De nummers van teleurgestelde nu voormalig-Nederlanders kunnen dus veel hoger zijn. De overheid houdt geen tellingen bij van verlies van nationaliteit en dus blijft het vooralsnog onduidelijk hoeveel groter dit probleem is.

De achtergrond

De overheid is er door de CJEU (Court of Justice of the European Union) met betrekking tot de zaak Tjebbes erop gewezen dat automatisch verlies “onevenredig” kan zijn en niet overeenkomt met eerdere afspraken die Nederland gemaakt heeft met de EU (Verdrag van Maastricht 1993). Nou heeft de CJEU en EU niks te zeggen over de nationaliteitswetgeving van lidstaten en kon het dus verder geen uitspraak maken over de redelijkheid van de huidige Nederlandse nationaliteitswetgeving. Dat is enkel een aangelegenheid voor Nederland.

Wat wordt er bedoeld met “onevenredig”? Mooie taal om te zeggen dat de gevolgen van het automatisch verlies van je nationaliteit buitensporig en niet in verhouding zijn. Uitspraken die mensen hier vaker aan koppelen zijn ‘oneerlijk’‘onrechtvaardig’, (potentieel) ‘discriminerend’, etc. Naar aanleiding van de uitspraak hebben zowel de Hoge Raad en de Raad van State zich hierover gebogen en kwamen tot de conclusie dat de huidige wetgeving aangepast moest worden. Het Ministerie van Justitie kreeg dan ook de opdracht om met een wetsvoorstel te komen. Bij deze dus. Waarom het trio (Ministerie Justitie, de Hoge Raad, Raad van State) de uitspraak zo minimaal interpreteert met dit voorstel is een goede vraag?

Bureaucratische wetgeving of goede politiek?

Het is nu dus duidelijk dat het niet evenredig is dat een persoon zijn EU-nationaliteit automatisch kan verliezen zonder daarbij te kijken of er wel degelijk een band of connectie was met de EU. En dat is helaas het beperkte resultaat van de uitspraak. Het beperkt zich enkel tot verbindingen met de EU en de EU-burgerrechten op vrij verkeer (sinds 1993). Enkel op dat punt kon het Europese hof een uitspraak doen.

Met dit conceptvoorstel wil de wetgever dus zorgen dat men ‘eerst’ de nationaliteit verliest en dan gaat kijken of het wel evenredig was. Mocht het verlies onevenredig zijn geweest dan zal de overheid na aanvraag besluiten om de nationaliteit met ‘terugwerkende kracht’ terug te geven. Dit is uiterst bizar. Het is dan ook duidelijk dat het doel is om het mensen zo moeilijk mogelijk te blijven maken en minimaal boodschap te geven aan de gerechtelijke uitspraak hieromtrent. In feite zou men kunnen argumenteren dat het wetstechnisch niet geheel met de uitspraak overeenkomt. Maar los daarvan, waarom gaan we dan een evenredige mogelijkheid creëren voor Nederlanders met een binding met de EU maar niet voor elke andere Nederlander? Dus vanuit een EU-perspectief gaan we ons redelijk gedragen, maar nationaal gaan we door zoals vanouds en hebben we geen boodschap aan evenredigheid.

Arend van Rosmalen LL.M., de jurist die de Tjebbes zaak voerde, sluit zich daar bij aan. Hij verklaarde “dit wetsvoorstel betekent een halve evenredigheidstoets voor oud-Nederlanders: vanuit Europees perspectief worden zij beschermd tegen onevenredig verlies, maar vanuit niet-Europees perspectief blijft het onevenredig verlies van het Nederlanderschap onherroepelijk. Het is jammer dat de wetgever deze vreemde spagaat in stand houdt, in plaats van de gelegenheid te baat te grijpen om verder te gaan dan het Unierecht voorschrijft, om zo een logische, rechtvaardige en evenredige nationaliteitswet in te voeren”.

Uw mening?

De overheid wil dus graag via een internetconsultatie uw mening hebben op het ontwerp wetsvoorstel en de evenredigheidstoets. U kunt hier de achtergrondinformatie vinden en uw reactie gevenDe consultatie sluit op 03 September 2020. We schrijven helemaal onderaan onze reactie. We verzoeken dat U deze niet zomaar kopieert maar leest en waar u het eens bent, in uw eigen woorden uw eigen reactie stuurt.

Politici

Uw specifieke reactie naar de overheid kan misschien in de archieven verloren gaan. Wij vragen u dan ook om hierover na te denken als u gaat stemmen, en ook om uw mening aan uw politieke partij of bekende politicus door te geven. Mocht u de mogelijkheid zien om uw verhaal aan de media kwijt te kunnen dan kan dat misschien ook helpen. Voor de meelezende politicus vragen we om gerust contact op te nemen en de materie eens te bespreken. Wat de meeste Nederlanders in den Vreemde graag willen zien is zeker redelijk te noemen en past binnen de meeste moderne politieke filosofieën.

Hoe verliest een Nederlander zijn nationaliteit?

Het verlies kan op verschillende wijzen. Daarin zijn er drie hoofdlijnen. Automatisch door het krijgen/aannemen van een andere nationaliteit, later automatisch door de zogenaamde en beruchte 10-Jaren Klok, en door de nationaliteit af te nemen van terroristen en zeer zware criminelen. Er komt meer bij te kijken en kan gecompliceerd zijn, voor verdere informatie zie onze website met informatie pagina’s.

De grote Klok omdraai 1894 – 1985 – 2003 – 2013 verwarring?

Voor velen, inclusief ambtenaren zelf, is/was er verwarring en men weet vaak niet goed hoe de wet, werkt of gewerkt heeft. We zien nog steeds dat dagelijks er vele verkeerde conclusies gemaakt worden en men soms zelfs verkeerd wordt geadviseerd door ambtenaren. De Nationale Ombudsman deed een beperkt onderzoek en concludeerde in 2016 al dat de overheid het beter kon doen, daar is tot vandaag door de overheid weinig boodschap aan gegeven. De Stichting GOED en de SNBN hebben ook onderzoeken gedaan waaruit blijkt dat het grotendeel van de Nederlanders een meer liberale en moderne nationaliteitwetgeving willen en dat de problematiek groot is.

Nationaliteitswetgeving 1892 Art 7

Maar waar komt die verwarring uit voort? Al bij de oude wetgeving van 1892 bestond er een zogenaamde 10-Jaren Klok (Art 7 lid 5) waarbij men na 10 jaar in den vreemde de Nederlandsche nationaliteit kon verliezen, maar dit was te voorkomen door te verklaren nog Nederlander te willen blijven.

Met de nieuwe wetgeving in 1985 bleef de 10 Jaren Klok bestaan (Art 15 lid c) maar werd automatisch verlies beperkt tot eerste generatie emigranten. Dit waren de kinderen van de emigranten die als volwassenen ook de andere nationaliteit hadden en in hetzelfde vreemde land waar ze geboren waren 10 jaar bleven wonen. Er was hier geen mogelijkheid meer om te verklaren Nederlander te willen blijven en deze volwassen kinderen konden dan enkel verlies voorkomen door tijdig naar Nederland of een derde land te verhuizen.

In 2003 werd de wet mbt de klok grondig veranderd en kreeg zijn huidige vorm (Art 15 lid 1c). Ineens ging het niet meer enkel om de eerste generatie maar nu ook iedereen die 10 jaar buiten de Europese Unie ging wonen en een andere nationaliteit had. De wetgeving werd dus stukken harder en zonder veel publieke aandacht aangepast en het resultaat was dat vele, zelfs overheidsambtenaren, de wetgeving niet goed begrepen.

Daarbij werd de wetgeving ook sinds 1985 wel wat gezinsvriendelijker en ontstonden er een aantal uitzonderingen op het verlies bij het verkrijgen van een andere nationaliteit. De aandacht, en daarbij, ook verwarring was enkel op de initiële verlies mogelijkheid en uitzonderingen en men had niet altijd door dat men daarna alsnog, na de 10 jaar, de Nederlandse nationaliteit kon verliezen. Overal verwarring, “Klaas mocht het toch, waarom ik niet?” Hier komt dus ook nog bij te kijken dat sommige personen te maken kregen met de wetgeving van voor 1985, tussen 1985 en 2003 en na 2003 en dus zijn er voor vele verschillende situaties (afhankelijk van geboorte, volwassenheid, woon-landen, vader, moeder, etc.) die de nationaliteit-status van een persoon wetstechnisch erg gecompliceerd kunnen maken. Dit is waarin Nederlanders in den Vreemde mensen helpt.

Hier kunt u onze reactie op de consultatie lezen. Nogmaals, reageer gerust. Reageer vanuit Uw eigen ervaring en denkwijze. U hoeft geen wetstechnische advies of ideeën te geven, enkel uw visie en gedachtes over wat U hieromtrent juist en onjuist vindt. U kunt via de link hier de achtergrondinformatie vinden en uw reactie gevenDe consultatie sluit op 03 September 2020. We verzoeken dat u onze reactie hieronder niet zomaar kopieert maar leest en, waar u het eens bent, in uw eigen woorden in uw eigen reactie stuurt.

Oproep

Bent u een jurist/advocaat of (belangen-) organisatie dan bent u welkom om mee te tekenen. Neem contact met ons op. De onderstaande brief zal als reactie op de consultatie op 10 Augustus verstuurd worden.

Stichting GOED heeft onderstaande reactie mede ondertekend

Geachte Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid en team,

Met betrekking tot uw concept Wetsvoorstel evenredigheidstoets RWN en het consultatieproces wilde wij graag reageren en u onze reactie geven. Nederlanders in den Vreemde wordt wekelijks vele malen benaderd door voormalige Nederlanders die onverwacht en automatisch hun nationaliteit zijn kwijtgeraakt. Wij helpen dan ook om mensen te informeren over de nationaliteitswetgeving en de gevaren van onder meer de zogenaamde 10-Jaren Klok (Art 15 lid 1c), een overheidstaak. De leidraad in de vele frustraties bij betrokkenen, en daarbij ook overheidspersoneel, is het automatisme van verlies. Het automatisme is dan ook waarom verlies als onevenredig wordt gezien.

Uit de zaak Tjebbes is dan ook weer duidelijk dat de wetgeving op dit punt niet als evenredig kan worden beschouwd. Natuurlijk is de nationaliteitswetgeving een nationale aangelegenheid maar toch is men hier tot de conclusie gekomen dat de nationaliteitswetgeving niet verenigbaar is met het EU-evenredigheidsbeginsel waar Nederland zich bij heeft aangesloten.

Met het huidig concept wetsvoorstel vinden wij dat u weinig aandacht geeft aan een evenredige (nationale) wetgeving. Het concept volgt een minimale interpretatie van de uitspraak waarbij er een verschil wordt gemaakt tussen evenredig willen zijn voor (voormalig-)Nederlanders met bindingen binnen de EU, en elke andere (voormalig-)Nederlander die dit niet heeft, of na jaren niet kan bewijzen. Met dit concept wordt er dus gesteld dat het acceptabel is dat er in EU-verband evenredig gehandeld kan worden, en nationaal niet. De EU-regelgeving is rechtvaardig maar de Nederlandse niet. Dit concept is onzerzijds geen rechtvaardige manier van wetgeving. Het alternatief is om juist wel een rechtvaardig en evenredig concept wetsvoorstel te maken. Hieronder een paar ideeën, oplossingen, en voorstellen waar we graag Uw aandacht voor vragen en waar mogelijk een reactie op krijgen.

Mogelijke oplossingen:

Eerste Keuze
Dit is de keuze die Nederlanders in den Vreemde volledig ondersteunt.
We zouden graag zien dat de politiek afziet van het enkele nationaliteitsprincipe. Dit is natuurlijk een groter vraagstuk voor justitie dan de bestaande wetgeving een klein beetje rechtvaardiger te maken vanuit de Tjebbes uitspraak. Maar wij stellen dat Art 15 en 16 zo goed als verwijderd kunnen worden en ons daardoor aansluiten bij de meeste landen die over de jaren hun nationaliteitswetgeving hebben gemoderniseerd. Zoals Noorwegen per 2019, Denemarken per 2015, Duitsland per 2007/2014, Latvia per 2013, Vanuatu per 2012, Luxemburg per 2009, Zuid-Afrika per 2004, Finland per 2003, Zweden per 2001, Zwitserland per 1992, Engeland per 1948 en ook België, Italië, Portugal, Nieuw-Zeeland, Australië, Amerika, Canada, Malta, etc.

Met betrekking tot de Tjebbes uitspraak en dit wetsvoorstel is dat voor het team dat de concept maakte misschien niet te verenigen met hun opdracht. Maar voor de meelezende staatssecretaris en politici een discussie waard. We komen zo goed als dagelijks schrijnende verhalen tegen van voormalig Nederlanders die zo in de praktijk ongewild en automatisch van familie en moederland zijn gescheiden. Ook dat is niet evenredig te noemen.

Tweede Keuze
Dit is een alternatieve keuze die we kunnen ondersteunen.
RWN Artikel 15 lid 1c, de zogenaamde 10-Jaren Klok geheel verwijderen. De meest gewenste oplossing en daarbij ook minder werk en kosten voor de overheid. U voorkomt hiermee nieuwe zaken maar zult nog moeten kijken naar oude zaken en rectificatie. Een rectificatie die als evenredig kan worden beschouwd is een Optie mogelijkheid zoals in uw voorstel maar waarbij geen evenredigheidstoets is benodigd. Net zoals in het principe van het traditionele Optierecht, is het een beslissing van de betrokkene en niet van een beslissing van een autoriteit. De betrokkene Opteert de Nederlandse nationaliteit terug te nemen, dus ook hier minder kosten voor de overheid *.

Ook is het evenredig dat alle voormalige Nederlanders die buiten Nederland woonachtig zijn de mogelijkheid krijgen om gebruik te maken van Optie, Art 6 lid 2f. Daarom verzoeken wij u om één jaar toelating voor onbepaalde tijd en hoofdverblijf in Nederland te verwijderen als voorwaarde. Immers zijn er voormalig Nederlanders die een nationaliteit hebben die door het IND mbt reizen erg beperkt word. Daarmee geeft u ook meteen aan dezelfde doelgroep de mogelijkheid om de Nederlandse nationaliteit terug te krijgen. Dit is dan niet met terugwerkende kracht. U discrimineert dan niet tussen Nederlanders met EU bindingen en Nederlanders met enkel Nederland bindingen.

Derde Keuze
RWN Artikel 15 lid 1c, aanpassen zodat men bij een eerstvolgend (verlate) paspoort, identiteitskaart of nationaliteitsverklaring aanvraag wordt gevraagd om te bevestigen of men Nederlander wil blijven. Daarbij dan de waarschuwing dat daarna de 10 Jaren termijn buiten NL en de EU en automatisch verlies van toepassing wordt, tenzij men daarna tijdig een nieuw Nederlands paspoort krijgt (Art 15 lid 4). Immers wordt men dan duidelijk en persoonlijk geattendeerd op de mogelijkheid van verlies en maken betrokkenen duidelijk hun eigen keuzes en is er in eerste instantie geen sprake van ongewilde, onbekende automatisme.

Daarbij zou er nog een lid aan toegevoegd kunnen worden waar bij overmacht (ziekte, bereik ambassades, kosten, etc.) of het door de overheid niet tijdig behandelen van aanvragen de 10-Jaren termijn kan opschorten tot een eerstvolgende redelijke mogelijkheid.

Vierde Keuze
RWN Artikel 15 lid 1c, in lijn met de uitspraak aanpassen zodat men bij een eerstvolgend paspoort, identiteitskaart of nationaliteitsverklaring aanvraag het evenredigheidsbeginsel toetst *. Echter dit niet enkel toetsen voor diegene met EU-banden maar daarbij ook voor elke (voormalig-)Nederlander met banden met Nederland. U discrimineert dan niet tussen Nederlanders met EU-bindingen en Nederlanders met enkel Nederland-bindingen. Dit kan dan eventueel in samenhang met de Optie regelingen in hoofdstuk 3. Dit is voor de overheid de duurste oplossing aangezien men dit per geval moet beoordelen en de nationaliteit met terugwerkende kracht gaat corrigeren.

* Een evenredigheidstoets zou eerder thuishoren bij het naturalisatieproces, verlening RWN hoofdstuk 4. Of U het onder Optie of onder Verlening onderbrengt is misschien moeilijk doen, maar het zou jammer zijn als Optie niet meer enkel als een recht en eigen actie tot Optie kan worden beschouwd. Bij een toets loopt U ook kans op meer gerechtelijke procedures wanneer betrokkenen het niet eens zijn met de beslissingen.

In het concept stelt u voor om de 10-Jaren Klok naar 13-Jaren te wijzigen. Dit is zeker een goed punt immers waren paspoorten vroeger inderdaad enkel 5 jaar geldig. Echter de 10 Jaren Klok bestond al in andere vormen voor de wetswijzigingen in 2003 en 1985 en betrof verschillende doelgroepen en had verschillende procedures erachter. Dit is dan ook waarom de wetgeving voor vele verwarrend is. U schrijft dat destijds men stelde dat een verdere vijf jaar na verloop van geldigheid van het Nederlands paspoort voldoende was om onduidelijkheid over de nationaliteit op te lossen. Hierbij maakten de politici destijds dezelfde verwarring als menigeen burger. De nationaliteit is een status, en een paspoort is een reisdocument (met vermelding van je status bij afgifte). Desondanks, als de oude vermelde vijf jaar periode als leidraad moet worden genomen dan is het redelijk dat U de Klok van 10 naar 15-Jaren aanpast, en waarom niet zelfs langer? Vele (voormalig-) Nederlanders besluiten op oudere leeftijd om terug te willen keren naar hun moederland en/of familie. Zij worden dan vaak verrast dat ze niet meer Nederlander en welkom zijn. Ondanks dat het IND wat (beperkte) mogelijkheden hebben voor voormalig-Nederlanders ervaart men de afwijzing en moeilijkere situatie meer emotioneel en praktisch wordt het een stuk moeilijker om dan terug te keren.

Uw concept wetsvoorstel

Uw concept wetsvoorstel in de huidige vorm vinden wij helaas niet acceptabel. Als u het automatisme van verlies zonder bewuste keuzes of inspraak van de betrokkene in de wetgeving laat staan dan is dat niet evenredig te noemen. In de Tjebbes zaak is het duidelijk dat de betrokkenen in de zaak ‘na verlies’ de mogelijkheid moeten hebben om hun nationaliteit met terugwerkende kracht terug te krijgen. Echter betekent dit niet dat een soort zelfde proces invoeren in de wetgeving de wet voor alle anderen evenredig maakt. Immers is het resultaat dan dat anderen dan eerst maar onevenredig de nationaliteit kunnen verliezen en dan via een evenredigheidstoets misschien kunnen terug krijgen. De evenredigheid zou van het begin af aan al in de wetgeving moeten zijn verwerkt. Men zou niet nog meer mensen eerst wettelijk hun nationaliteit moeten ontkennen/afnemen om daarna het misschien alsnog te erkennen en terug te geven. Daar zit duidelijk geen rechtvaardigheid in en is zelfs bizar te noemen. Ik mag dan ook aannemen dat de gerenommeerde politici het concept voorstel in huidige vorm niet zullen ondersteunen.

Financiële kosten

U stelt dat voor het beoordelen van een enkelvoudige optieverklaring in 2020 een bedrag van € 191,- is verschuldigd. Als blijkt dat het verlies onevenredig was dan verwachten we natuurlijk dat de kosten niet in rekening worden gebracht, of worden teruggestort. Immers was de wetgeving onevenredig naar betrokkenen en maakt U een correctie met terugwerkende kracht. Zie het als zijnde de schuldvraag in een rechtszaak, u was fout, u betaalt.

Daarbij merken we op dat u stelt dat voor de geschatte 2000 zaken per jaar er ongeveer € 1.000.000,- aan directe en indirecte kosten zijn en dat de leges voor u “kostendekkend” zijn. Echter is 2000 x 191 een bedrag van € 382,000. Misschien dat u dit in de toelichting wilt verduidelijken. Echter, stellen we nogmaals dat de kosten voor de overheid moet zijn en niet voor betrokkenen Daarbij kunt u via onze voorgestelde keuzes toekomstige kosten voor de staat beperken.

Ik hoop dat onze reactie uw verder op weg helpt met het concept en de vormgeving van een redelijk en evenredig wetsvoorstel. Nederlanders in den Vreemde heeft twee specialisten op het gebied van de nationaliteitswetgeving en toegang tot een aantal juristen en advocaten die helpen en adviseren. Advocaten en politici komen geregeld aankloppen bij Nederlanders in den Vreemde om de uitwerking van de wetgeving in de praktijk te bespreken. We ontvangen graag een reactie op onze ideeën, voorstellen en constructieve kritiek, en zijn ten alle tijde bereid om dit verder te bespreken.

Met vriendelijke groet,

Kris von Habsburg, Nederlanders in den Vreemde
Arend van Rosmalen LL.M., Mynta Law
Mr. A.G. Kleijweg, Advocatenkantoor Kleijweg
Mevrouw mr Wytzia Raspe, Juridisch Adviseur
Bestuur Stichting GOED – Grenzeloos Onder Een Dak

Welke jurist/advocaat of (belangen-) organisatie wil er nog meer mee tekenen?

Meld u aan voor onze Nieuwsbrief

Meld u aan voor onze Nieuwsbrief

Blijf op de hoogte! Belangrijke informatie en de laatste nieuwtjes voor Nederlanders die in het buitenland wonen. 

U heeft zich succesvol aangemeld

Share This